Op de bank

door Vulpius

‘Ben je ooit een moment in je leven tegengekomen dat je voelt dat je gedwongen wordt om een beslissing te nemen?’

Dat had ik zeker, maar dat zei ik niet.

– ‘Wat voor beslissing?’
‘Niets belangrijk, het gaat hem ook niet echt over de keuze zelf.’

Ik keek haar vragend aan, maar ik wist precies wat ze bedoelde.

‘Het gaat hem eerder om het feit dat je een keuze moet maken, de keuzes zelf doen er niet veel toe. Het is alleen verschrikkelijk te moeten weten dat je moet kiezen, en dat je weet dat beide keuzes hoogstwaarschijnlijk onomkeerbare gevolgen zullen hebben.’
– ‘Ben je er al uit wat je zult kiezen?’
‘Neen’, ze stopte even met spreken, ‘wat zou jij kiezen?’

Ik loog mezelf voor dat ik haar situatie (en bijgevolg de keuzes) niet kende.

– ‘Ik weet het ook niet, een cliché antwoord zou zijn: “volg je hart”, maar dat is niet altijd makkelijk.’ Ik zweeg even. ‘Ik denk dat bij elke keuze die we moeten maken vaak lang weten wat we willen kiezen, maar dat we er vaak niet toe komen die keuze te maken door omstandigheden, zoals het logisch redeneren, andere mensen, omgeving, tijd, etcetera…’

Ik vond mezelf verschrikkelijk klinken, maar waar was het wel, vond ik.

Ze zweeg even. ‘Ja’, sprak ze, half in gedachten verzonken, ‘je hebt gelijk…’Even meende ik te denken dat er iets zou volgen.’Ik moet weg, anders mis ik mijn trein…’

We namen afscheid en spraken af om nog eens samen te komen. Ze had veel gehad aan het korte gesprekje. Ik dacht nog te zeggen dat treinuren ook behoorden tot de omstandigheden waardoor je een keuze niet kan uitvoeren, maar ik zweeg.

Ik bleef nog een halfuurtje alleen zitten. Uitgeput, maar niet moe, verslagen zonder gevecht, verloren zonder spel, en gekozen door het lot, maar vooral door eigen incapabiliteit.

Advertenties