De grote boekenlijst: Ten zuiden van de grens – Haruki Murakami

door Vulpius

…en alles is terug in orde.

Na een lange periode van afwezigheid is het nog eens tijd voor een boek. Ik heb de voorbije weken een enorm aantal boeken gelezen, maar helaas zijn de meesten alweer terug naar de bibliotheek, en ben ik te lui geweest om notities te maken. Ik zal ze dus nog eens moeten uitlenen wil ik enkele fragmenten delen.

Maar goed, ik had een Japanner beloofd dus:

Hoewel hij werd geboren in Kioto groeide hij op in Kobe. Zijn vader was de zoon van een Boeddhistische priester. Zijn moeder was de dochter van een koopman uit Osaka. Beiden gaven les in Japanse literatuur. Murakami was echter altijd meer geïnteresseerd in de Amerikaanse literatuur, waardoor hij zich een westerse schrijfstijl eigen maakte, waarmee hij zich onderscheidde van zijn Japanse tijdgenoten.

De Engelse Wikipedia pagina is iets uitgebreider en bevat wat leuke trivia:

Murakami wrote his first fiction when he was 29.[14] He said he was suddenly and inexplicably inspired to write his first novel (Hear the Wind Sing, 1979) while watching a baseball game.[15] In 1978, Murakami was in Jingu Stadium watching a game between the Yakult Swallows and the Hiroshima Carp when Dave Hilton, an American, came to bat. According to an oft-repeated story, in the instant that Hilton hit a double, Murakami suddenly realized he could write a novel.[16] He went home and began writing that night. Murakami worked on it for several months in very brief stretches after working days at the bar (resulting in a fragmented, jumpy text in short chapters). After finishing, he sent his novel to the only literary contest that would accept a work of that length, and won first prize. Even in this first work, many of the basic elements of Murakami’s mature writing are in place: Westernized style, idiosyncratic humor, and poignant nostalgia.

Heerlijk. In Japan wordt Murakami niet echt geaccepteerd door het literaire establishment wegens de mysterieuze, surrealistische aard van zijn boeken. De typische Japanse auteur wordt geacht verhalen te schrijven met een stevig begin en einde, en een kernboodschap. Toch is Murakami razend populair, en een quote of de achterflap van zijn boeken laat weten dat “als je een boek van hem hebt gelezen, je ze allemaal gelezen moet hebben”. (En ik kan beamen dat dit klopt.) Zijn stijl is het beste te omschrijven als een mix tussen magisch-realisme en neo-romantisme, met veel verborgen boodschappen tussen de regels door. Doorheen zijn boeken valt ook telkens zijn kennis van muziek op (vooral klassiek en Jazz) en de kerel pronkt ook graag met allerlei weetjes, literaire verwijzingen of bekende artiesten.

Tenslotte zitten er links en rechts ook existentialistische trekjes in zijn werken. Beschrijvingen van eten, bijvoorbeeld, gaan soms zeer gedetailleerd en diep in op de details, iets wat ik persoonlijk een zeer prettig punt ben gaan vinden.

Kortom: magisch, surrealistisch, romantisch, erotisch, nostalgisch, Jazz, klassiek, Japans. Bovendien lijkt Murakami (weer) enorm populair te worden onder de jongeren, merk ik.

Als eerste boek bespreek ik Ten zuiden van de grens. Geschreven in 1992, vertaald naar het Engels in 2000. In dit boek wordt het verhaal verteld van Hajime en Shimamoto, zijn oud schoolvriendinnetje. Na een prettige kindertijd samen groeien ze uiteen. Vele jaren later lopen ze elkaar terug tegen het lijf (Hajime is nu uitbater van een Jazzbar – een beroep dat Haruki zelf ook nog heeft uitgeoefend en zijn kennis hieromtrend zeker mee helpt verklaren). Hajime is ondertussen getrouwd, en Shimamoto laat niets los over haar verleden. Hajime wordt meegesleurd in een emotioneel debat met zichzelf en zal uiteindelijk moeten kiezen tussen tedere verlore gegane jeugdliefde, en zijn (stabiele) gezin en het opnemen van verantwoordelijkheid.

Enkele fragmentjes. Hajime mijmert over zijn vrouw:

Natuurlijk is ze anders dan Shimamoto, bedacht ik. Ze kan me niet geven wat Shimamoto me heeft gegeven. Maar hier is ze, voor mij, en ze doet haar best me te geven wat ze kan. Ik mocht haar geen pijn doen. Op dat moment wist ik het nog niet. Ik wist nog niet dat ik iemand onherstelbaar diep zou kunnen kwetsen. Dat een mens soms iemand pijn doet, alleen omdat hij bestaat.

De situatie is dus zeker niet zwart-wit voorgesteld. Hajime houdt veel van zijn vrouw, maar kan bijna niet anders dan denken aan ‘wat als ik met Shimamoto zou zijn’, misschien was dit wel voorbestemd?

Toen ik twintig was, kwam deze gedachte bij me op. Wellicht was het onmogelijk opnieuw een onbeschreven blad te zijn. Ik had fouten gemaakt. Maar misschien waren het geen echte fouten. Misschien waren het eerder onvervreemdbare karaktertrekken die ik in me had dan fouten. Dat was een heel sombere gedachte.

Shimamoto blijft ondertussen geheimzinnig doen:

‘[…] Ik weet dat het niet normaal is. Misschien wek ik de indruk dat ik geheimzinnig wil doen, of dat ik grillen heb. Daarom dacht ik dat het misschien beter was je niet te ontmoeten. Ik zou niet willen dat je me een grillige, vreemde vrouw vond. Dat is een van de redenen waarom ik niet wilde komen.’
‘En de andere reden?’
‘Ik was bang teleurgesteld te worden.’ […] ‘Ik was vroeger zo op je gesteld en daarom wilde ik niet teleurgesteld worden door wie je nu bent.’
‘Ben je teleurgesteld?’
Ze schudde zacht haar hoofd.

Op een dag vraagt Shimamoto of Hajime haar naar een rivier wil brengen. Ze is duidelijk van streek en wanneer ze uiteindelijk ter plekke zijn strooit ze as uit in het water:

‘Dat was de as van mijn baby. De as van het enige kindje dat ik heb gebaard,’ zei Shimamoto alsof ze in zichzelf sprak.’ […] ‘De dag na de geboorte is het al gestorven. Het heeft maar een dag geleefd. Ik heb het maar twee of drie keer vast kunnen houden. Het was een prachtige baby. Heel zacht… De oorzaak hebben ze niet precies kunnen achterhalen, maar het kon niet goed ademen. Tegen de tijd dat het stierf, was het al helemaal van kleur veranderd.’

Wat meteen de geheimzinnigheid en triestheid van Shimamoto verklaart. Uiteindelijk begint het spaak te lopen in Hajime’s huwelijk en begint hij zich te beseffen dat hij een keuze zal moeten maken:

De uren tussen middernacht en de ochtend waren lang en donker. Soms dacht ik dat het me zou opluchten om te huilen. Maar ik wist niet waarom ik zou huilen. Ik wist niet om wie ik zou huilen. Ik was te egocentrisch om te huilen om een ander en ik was te oud om te huilen om mezelf.
Het werd herfst. Tegen die tijd stond het voor mij vast. Het was onmogelijk zo verder te leven. Dat was mijn uiteindelijke conclusie.

In dit donker dacht ik aan regen op zee. Ik dacht aan regen die heimelijk zonder dat iemand het opmerkt in de onafzienbare zee valt. Geluidloos raakt de regen het wateroppervlak, zonder dat zelfs de vissen er iets van merken. Totdat iemand naar me toe kwam en zacht een hand op mijn schouder legde, dacht ik aan deze zee.

Maar ik was niet in staat op te staan van de keukentafel. Alle kracht leek uit mijn lichaam verdwenen. Alsof iemand stiekem achter me was gekropen en geluidloos de kern uit mijn lichaam had gehaald. Ik steunde met mijn ellebogen op tafel en verborg mijn gezicht in mijn handen.

Niet echt een happy end dus, of toch? Mensen veranderen, maken soms minder goede zaken mee, en vragen zich af ‘Wat als?’ Aan de andere kant moet je niet altijd ontevreden zijn met hetgene je hebt, hetgene naast je staat kan veel beter zijn dan een ver verlangen.

Al bij al een korte, weinig spectaculaire inleiding. Het is zeker niet een van Murakami’s beste werken (vind ik), maar zeker geen slecht boek en het lezen waard.

De volgende boeken hebben we nog te gaan:

  • 1979 – Kaze no uta o kike (Hear the Wind Sing), niet vertaald, jammer
  • 1980 – Pinball, 1973
  • 1982 – De jacht op het verloren schaap (vertaling: Jaques Westerhoven, 2007)

Dit is de Trilogie van de Rat, en de eerste twee zijn ongelofelijk moeilijk te vinden. De jacht op het verloren schaap is wel eenvoudig te vinden, en Dans, Dans, Dans kan zelfs gezien worden als soort ‘vervolg’.

  • 1985 – Hard-Boiled Wonderland en het einde van de wereld (vertaling: M. de Winter, Marion op den Camp) [in mijn opinie het meest surrealistische boek – zeer goed]
  • 1987 – Norwegian Wood (vertaling: Elbrich Fennema) [goed]
  • 1988 – Dans, Dans, Dans (vertaling: L. van Haute, 2008) [zeer goed]
  • 1992 – Ten zuiden van de grens (vertaling: Elbrich Fennema) [goed]
  • 1994 – De Opwindvogelkronieken [zeer goed]
  • 1997 – Underground (eerder een interview-reportage), niet gelezen
  • 1998 – Spoetnikliefde (vertaling: Elbrich Fennema, 2004) [goed]
  • 2002 – Kafka op het strand (vertaling: Jaques Westerhoven, 2006) [zeer goed, excellent vertaald]
  • 2004 – After Dark (vertaling: Jaques Westerhoven, 2006) [goed]

En ook wat korte verhalen zoals Na de aardbeving en De olifant verdwijnt, niet Blind Willow, Sleeping Woman (momenteel).

Advertenties