Kokology

door Vulpius

Jaren geleden las ik in een boek een psychologisch testje dat je kon gebruiken om meer te weten te komen over iemands persoonlijkheid. Toendertijd wist ik nog niet dat deze test behoorde tot het domein van de zogenaamde “Kokology”. Wikipedia vertelt hierover het volgende:

Kokology is the study of kokoro which in Japanese means “mind” or “spirit“. The series of Kokology books were created by Tadahiko Nagao and Isamu Saito,[1] a professor at Rissho and Waseda Universities in Japan and an author of a number of bestselling books regarding psychology and relationships. The main focus is the analysis of the deep psyche. Using theories from Freud and Jung. Kokology Questions typically are “guided” Day Dreams or Submodalities.

De meeste testen verlopen als volgt: je vraagt de persoon op wie je de test toepast om zich allerlei scenario’s, landschappen, of beelden in te beelden en die vervolgens te beschrijven. Uit die beelden kun je dan zaken afleiden over deze persoon.

Onlangs vond ik de test in kwestie terug in een van mijn notitieboekjes. Ik had deze al vele malen met succes gebruikt op verschillende personen, en ondertussen heb ik hem weer enkele keren kunnen toepassen. Hoewel de testen soms wel wat psychologisch en/of wetenschappelijk onderbouwd zijn moet je er ook niet te veel waarde aan hechten. Aan de andere kant kunnen ze soms anstaanjagend correct zijn.

Recentelijk werd mij ook duidelijk dat dit soort testjes graag door pickup artists gebruikt worden om meisjes te intrigeren en iets over hun te weten te komen. Ik ben geen pickup artist, en ik zal zulke dingen dan ook niet snel gebruiken om iemand in mijn bed te krijgen.  Wel gebruik ik het met plezier als ik je wil doorgronden.

Onderstaand overzicht geeft de bekenste testjes weer. De laatste test is diegene die ik onlangs terugvond. De meesten uit deze lijst kun je makkelijk terug vinden op andere sites, maar ‘mijn’ test heb ik nooit ergens tegen gekomen, buiten het boek waarin ik het oorspronkelijk las (er werd zelfs geen melding gemaakt van ‘kokology’. En zoals ik al zei moet je de meesten met een grote korrel zout nemen. Diegenen die echt lijken te werken of relevant lijken te zijn heb ik een sterretje (*) gegeven. Goed, hier zijn ze dan (alle testen worden verteld vanuit het standpunt van de ondervrager, gevolgd door de uitleg):

De blauwe vogel (the blue bird)

“Beeld je het volgende in: op een dag vliegt er een blauwe vogel binnen langs het raam in je kamer en zit gevangen. Je voelt je aangetrokken tot deze vogel, waardoor je besluit om hem te houden. De volgende dag merk je tot je verbazing dat de vogel van kleur is veranderd en nu geel is! De derde dag wordt de vogel rood, en op de volgende dag wordt hij zwart. Welke kleur heeft hij wanneer je volgende dag wakker wordt? Nog steeds zwart, terug (het originele) blauw, wit, of goudkleurig?”

Uitleg: de vogel die je kamer binnenvloog symboliseert een geluk. Plotseling verandert het van kleur, waardoor je vreest dat dit geluk niet eeuwigdurend is. Je reactie hierop toont hoe je reageert op onzekerheden in het leven.
Diegenen die zeiden dat de vogel zwart bleef hebben een pessimistische blik. Terug blauw wil zeggen dat ze optimisten zijn, wit wil zeggen dat ze kalm en vastberaden blijven onder druk, en goudkleurig wil zeggen dat je onbevreesd bent.

Deze test vind ik persoonlijk niet zo bijzonder. Met kleuren moet je altijd opletten, zeker wanneer je mensen vraagt om te kiezen tussen enkele mogelijkheden. De meesten zijn slim genoeg om te kunnen gokken welke kleur voor welke verklaring zal staan. Beter zijn de testen waarbij de ondervraagden volledig zelf mogen beschrijven wat ze zien.

De kubus (the cube) *

Dit is vrijwel de meest bekende kokology test. En wel omdat hij wordt beschreven in het boek The Game (een handboek geschreven door een pick-up artist, voor hopeloze gevallen). Er zijn een aantal verschillende versies hiervan in omloop, en ze zijn niet allemaal even correct. Meestal wordt er vertrokken van een woestijnlandschap.

“Beeld je een woestijn in. In die woestijn zie je een kubus. Beschrijf zoveel mogelijk als je kunt over deze kubus.” Eventuele follow-up vragen hier zijn: zweeft de kubus, welk materiaal heeft de kubus, is hij groot of klein, en of hij ondergegraven is. “Nu zie je een ladder, die ook in dit landschap staat, beschrijf weer hoe deze ladder eruit ziet.” Ook hier is het materiaal belangrijk, de lengte, het aantal treden, en de relatie tegenover de kubus. Leunt de ladder tegen de kubus, staat de ladder er dicht of ver van, etc… “Vervolgens hoor je gehinnik en merk je dat er ook een paard aanwezig is, beschrijf hoe dit paard eruit ziet, en wat het aan het doen is.” Gedrag van het paard, kleur, en afstand tot de kubus en ladder zijn hier belangrijk. “Plots komt er een storm opduiken, beschrijf de aard en intensiteit van deze storm.” Belangrijk is wat de storm verricht met de eerder beschreven objecten, of het een zware of een kalme storm is, en of deze veraf of dichtbij plaatsvindt. “Nadat de storm is gaan liggen [of wanneer deze geen gevaar vormt] zie je dat er ook bloemen staan.” Weer worden deze beschreven (het hoeven niet enkel cactussen te zijn). Soms worden de bloemen voor de storm gevraagd, en vaak worden ze zelfs helemaal niet gevraagd. Kleur en soort bloem is belangrijk.

Uitleg: de beschreven objecten staan voor verschillende aspecten. De kubus beschrijft je zelfbeeld. Een kleine kubus komt overeen met een kleiner zelfbeeld, een grotere kubus met een groter zelfbeeld. Ondergegraven kubussen tonen niet hun volledig potentieel, zwevende kubussen zijn dagdromers. De ladder is een metafoor voor vrienden en vriendschap. Hoe hoger de ladder, des te meer vrienden heeft deze persoon. Als de ladder dicht bij de kubus staat zijn deze vrienden belangrijker. Als de ladder tegen de kubus leunt kan dit wijzen op een hechte band, maar ook op onderdrukking. Het paard is dan weer een metafoor voor liefde. Ook hier is de afstand tegenover de kubus vanzelfsprekend, en de natuur van het paard (wild of kalm) slaat op het type relaties of personen ons aantrekt. De storm staat dan weer voor huidige problemen. Een kalme storm in de verte slaat op weinig problemen, terwijl een hevige storm slaat op grote problemen. Let op wat de storm verricht met de objecten. Sommigen zien de storm als ‘vernieuwend’ of ‘verfrissend’, ze is dus niet steeds negatief. De bloemen tenslotte staan voor kinderen, maar ook op toekomstige projecten of doelen.

Sommige varianten vragen ook wat er in de kubus zit (gewenste beloningen), en voegen ook water in het landschap toe (seksualiteit). Het eerste lijkt okee, maar water valt zeker niet te gebruiken voor seksualiteit hier. Water wordt meestal in verband gebracht met toekomst, terwijl vloeistoffen in bekers of vazen gebruikt worden voor liefde en seksualiteit.

Deze test is al een stuk doeltreffender, en de afkomst van het spel zou onzeker zijn (Grieks of Turks?). Maar let op: wanneer je besluit hem te gebruiken kun je er beter eerst voor zorgen dat de persoon deze test nog niet kent (hij is immers populair). Een goeie manier is om lachend een verwijzing te maken: ‘Dat is al zoals die testjes zoals the cube.’ Wanneer de reactie nieuwsgierig is heb je meteen een mooie opening.

De achtbaan (the rollercoaster)

Deze is wat schunniger. “Je gaat een pretpark binnen en gaat in de rij van een achtbaan staan. Hoe lang moet je wachten voor je op de achtbaan mag?” Dit slaat op hoe lang voorspel je wilt. “Je zit in de achtbaan en raast heen en weer, hoe voel je je?” Dit zijn de gevoelens tijdens seks. “Het karretje plonst in water dat overal opspat! Wat roep je?” Dit is wat je roept tijdens een orgasme. “Nu ga je op de paardenmolen, wat voel je?” Dit is het gevoel wanneer een partner niet in staat is of niet wilt vrijen. “Beschrijf nu je ideale achtbaan.” Dit is de ideale vrijpartij. Geen wonder dat deze testen door pick-up clowns gebruikt worden. En zo correct is het zelfs niet. Let trouwens op: niet iedereen houdt van achtbanen, maar dat wil niet zeggen dat ze niet van seks zouden houden.

Het spinnenweb (web of life) *

“Beeld je in dat je een spin bent in je web. Hoeveel insecten heb je al gevangen, welke?” Dit is een metafoor voor eerdere relaties, en de aard ervan. “Een insect slaagt erin om te ontsnappen, wat zegt het insect tegen je?” Dit beschrijft de gevoelens wanneer je faalt om iemand te strikken. Deze test is kort maar is gek genoeg nog vrij nauwkeurig.

Freefall (leap of life)

“Je gaat meedoen aan een parachutesprong. Momenteel sta je nog op de grond en je ziet anderen free-fallen vanuit de lucht. Wat voel je?” Dit beschrijft je seksuele verlangens. “Nu is het jouw beurt, je zit op het vliegtuig, naast de deur, en je springt, wat roep je?” Dit is weer wat je roept tijdens een orgasme. “Je landt veilig, en je instructeur komt naar je toe, wat zegt hij?” Dit is wat je je inbeeldt dat je partner na het vrijen tegen je zegt.

Aardbeienveld (strawberry fields)

Deze is populair in Japan, en lijkt sterk op de achtbaan. “Beeld je in dat je op een veld staat, alleen, en voor je is er een aarbeienveld met heerlijke aardbeien. Er staat een hek rond, hoe hoog is het?” Wordt: hoe makkelijk is deze jongen of meisje te verleiden. “Nu ben je in het aardbeienveld, hoeveel aardbeien eet je?” Dit is hoeveel partners deze persoon wil. “Nadat de aardbeien op zijn, hoe voel je je nu over de boer, wiens aardbeien je hebt gegeten?” Dit is hoe je je voelt over je partner na het vrijen.

Instrument

“Als je in een orkest was, welk instrument zou je dan willen zijn?” Dus niet: welk instrument je speelt. De adjectieven die bij dit instrument horen (luid, stil, blinkend, zwaar) zijn diegenen tot wie je je aangetrokken voelt.

De weg

“Beeld je in dat je aan het reizen bent over een weg of straat. Beeld je de omgeving volledig in en beschrijf deze.” Natuur, snelweg, veldweggetje, straat. Dit komt overeen met je levensweg. “Hoe ben je aan het reizen?” De snelheid waarmee je door het leven stapt. Auto, te voet, te paard,… “Je komt water tegen, hoe en beschrijf? En hoe steek je het over?” Dit staat voor seksualiteit, en hoe belangrijk (snel of traag water) het is en hoe je ermee omgaat (brug of waad je erdoor). Ook hier weer opletten. Water is gevaarlijk om te gebruiken, het kan voor seksualiteit staan maar ook voor de toekomst! “Nu kom je een versperring tegen, welke, en hoe ga je verder?” Dit zijn uitdagingen in je leven, en of en hoe je ze verslaat (een muur, een hek,…). “Nu kom je een hut tegen, de deur is gesloten, hoe ga je binnen.” Een sleutel onder de mat, inbreken,… Dit staat hier voor het huwelijk of relatie en hoe het tot stand komt. “Wat staat er binnen de hut? Wat zie je uit het achterraam?” Wat binnen staat beschrijft de relatie zelf. Hetgene je ziet uit het raam slaat op de beloning en toekomst. “Zijn er bloemen, welke en hoeveel?” Dit slaat op kinderen of ambities.

Dieren

Vraag naar een favoriet dier. Laat het beschrijven met enkele adjectieven. Dit staat voor het ik. “Wanneer je een prive-dierentuin had met alle voorzieningen, welk dier zou je willen houden?” Dit is hoe anderen je zien. “Wat is je favoriete binnenlands (veelvoorkomend) dier? En je favoriete huisdier?” Deze twee staan voor je beeld van relaties respectievelijk seks.

Het bos

“Je wandelt door een donker bos, hoe voel je je?” Hoe benader je het leven? “Je ziet een muur met een deur, wat doe je?” Hoe ga je om met obstakels. Let op met muren met deurtjes. Ze kunnen ook staan voor het ultieme obstakel: de dood. “Je kijkt naar beneden en je ziet een kopje liggen, beschrijf het, van wat is het gemaakt?” Hoe je omgaat met rijkdom. Ook deze is gevaarlijk want kopjes of bekers met een vloeistof kunnen ook staan voor liefde en seks. “Tenslotte zie je water, beschrijf het.” Meren, rivieren, beken, watervallen. Dit staat voor seksualiteit, maar weer: dit kan ook op de toekomst slaan.

Nog een bos

Ook deze is met een veld. Het beschreven gevoel is weer de levensbenadering. Ook de muur is er weer (zie vorig bos). Dan wordt er een huis beschreven: je droomhuis. “Je ziet een sleutel liggen op de grond, doet deze sleutel het huis open?” Zo ja: dan wil je graag trouwen. Als je binnen kunt “zie je op het gelijkvloers een tafel met stoelen, hoeveel stoelen zijn er?” Dit is het aantal gezinsleden je wilt. “Dan ga je het huis uit en loop je verder, het pad splitst zich en gaat in de ene richting uit naar een donker bos, en in de andere naar een warm, kleurig bos, welke richting ga je uit?” Donker: je verwacht iets maar je weet niet wat, je neemt risico’s. Kleurig: eerder easygoing. “Nu wandel je voorbij een vijvertje, hoe groot en diep is het?” Grootte is hoe hartelijk of warm je bent, diepte is hoe diep je vrijgevigheid of goedheid gaat. Maar ik zou weer opletten met het water. Sleutels en hutjes slaan wel vaak op relaties of huwelijken waarvan je al dan niet denkt dat ze kunnen werken.

De waterval

Vraag een waterval te beschrijven met drie adjectieven. Dit is gewoon je beeld van seks.

Jouw huis *

“Beeld je in dat je in je huis staat, er is vanalles aan de hand. Een baby huilt, de telefoon rinkelt, er klopt iemand op de deur, een kraan is aan het lopen, en buiten hangen kleren te drogen maar het begint te regenen. In welke volgorde zou je deze taken afhandelen?” De taken staan voor het volgende: de baby staat voor familie, de telefoon voor je liefdesleven, het geklop op de deur voor je vrienden, het water voor rijkdom en geld, en de kleren voor je werk of carriere.

De kamer

Ook deze is populair in Japan. “Je staat in een donkere kamer, in de kamer staat een tafel met stoelen, hoeveel stoelen? Hoeveel kopjes koffie staan op de tafel? Je gaat naar de deur en opent deze, je ziet een dier, welk? Je loopt naar buiten en ziet twee paden: een naar een bos en een naar een veld, welk pad neem je? Vervolgens kom je een vijver tegen, hoe steek je deze over, zemmen, loop je er rond, of een boot? Dan zie je een huis, wat voor huis?” De vragen beschrijven het volgende: de stoelen zijn je gewenste gezinsleden, de kopjes het aantal partners, het dier de gewenste partner, het veld voor een optimist en het bos voor een pessimist. Dan de vijver: zwemmen is een onrustig persoon, de boot een rationeel iemand, en errond lopen voor een kalm en rustig persoon. Het huis beschrijft je toekomstige woonst. Geen slechte test, maar heeft een heel hoog middelbare-school gehalte. Zo beschrijft het huis helemaal niet je toekomstige woonst, en de stoelen niet de gezinsleden. Het dier kan kloppen en de kopjes ook, maar deze kunnen ook op rijkdom slaan.

Voor we de laatste test beschrijven geef ik nog twee leuke tekenspelletjes…

De slang

Vraag iemand om een slang te tekenen. Dit werkt beter op meisjes dan op jongens. (De jongens kunnen beter een paard tekenen, maar de interpretatie ken ik niet.) Een horizontale slang staat voor een gemiddeld libido. Het aantal bochten komt overeen met het libido. Een horizontale vlakke slang wil zeggen dat deze persoon amper interesse heeft in seks. Een drietal bochten is een normaal libido.

Een vertikale slang zou overeen komen met een verhoogd libido, fantasie, en eventueel homo-erotische neigingen.

Maar deze test is eerder onzin dan wetenschap. Het is immers zo dat er zeer weinig testen een beetje onderbouwd zijn door de psychologie. Van dit kleine aantal zijn er vervolgens zoveel variaties gemaakt dat ze niet meer correct zijn. Tenslotte hebben de Japanners een tv-show gelanceerd waarin mensen dit soort testjes moeten oplossen, om vervolgens de ‘hilarische resultaten’ te horen te krijgen (hoe kan het ook anders). Dit alles zorgt ervoor dat kokology ondertussen eerder een spelletje geworden is.

Cirkels, vierkanten en driehoeken

Vraag iemand om een mens te tekenen, waarbij je enkel mag gebruik maken van cirkels, driehoeken en vierkanten. Tel vervolgens het aantal van elke figuur.

Meer driehoeken: een meer sensuele en seksuele persoonlijkheid.
Meer vierkanten: materialistisch en technisch.
Meer cirkels: gevoelig en intellectueel.

En tenslotte:

De droom *

“Wanneer we dromen, zien we vaak dingen waarvan we niet weten dat sommige voorwerpen nauw verbonden zijn met gevoelens. Meestal onthouden we de droom ook niet, waardoor, als we ze ons proberen te herinneren, we steeds meer vergeten van wat we hebben gedroomd.” Dit is ideaal om een bepaalde mysterieuze sfeer te creëren. Vraag de persoon vervolgens om zich te ontspannen. Ogen sluiten helpt natuurlijk.

“Je bent aan het slapen en je droomt, je droomt van je perfecte huis, je droomhuis – hoe ziet het er uit? Beschrijf volledig.” Volgende follow-up vragen zijn belangrijk: hoeveel kamers heeft het huis, is het huis licht of donker, is het een modern of een oud huis, is het groot, beschrijf de ramen? Let ook op andere details.

Het aantal kamers staat voor het aantal personen je in het leven nodig hebt. Een tot drie kamers is iemand die graag op zichzelf leeft, vier tot een acht-tal is iemand die graag enkele goede vrienden heeft. Meer kamers is een zeer sociaal iemand. Het aantal deuren in de kamers bepalen de snelheid waarin vrienden worden gemaakt: indien de kamer volledig open is betekent dit dat deze persoon iemand ‘zal binnenlaten’. Ook de beschrijving van de ramen is belangrijk: hoe makkelijk is het om deze persoon te doorgronden (kleine of grote ramen, aan elke kant van het huis?). De rest slaat op je zelfbeeld.

Interessant: wanneer men sleutels vermeld in het droomhuis kan dit slaan op geheimen of verborgen talenten.

“Je wandelt nu verder en komt op een weggetje. Hierop zie je iets liggen, het blijkt iets te zijn waaruit je kan drinken, wat is het?” Vervolgens vraag je hoe het eruit ziet, en of er een vloeistof inzit, en hoeveel.

Dit slaat op het liefdesleven. Hoe mooier men het kopje, beker,… beschrijft, hoe meer dat je liefde belangrijk speelt. Ook een gebarsten kopje kan belangrijk zijn (een recente breuk bijvoorbeeld).

Wanneer er een vloeistof wordt beschreven slaat dit op de seksualiteit. Een vol bekertje slaat op veel ervaring of belang in seks. Onervaren personen lijken trouwens vaak melk te kiezen.

“Vervolgens wandel je verder en kom je in een bos terecht. Daar wandel je even in rond tot je op een open plek terecht komt. Op die plek staat een gebouw, wat en beschrijf?”

Dit slaat op het geloof. Een ruine of zwak gebouw slaat op een zwak geloof. Een sterk gebouw slaat dan weer op een sterk geloof (bijvoorbeeld een overtuigde christenen).

“Rond het gebouw is er een tuin, beschrijf deze?”

Dit slaat op je levensvisie. Of hoe je de wereld rondom jezelf ziet. Een verwilderde tuin slaat op een negatief of pessimistisch wereldbeeld. Een verzorgde, mooie tuin voor een optimistisch of positieve visie.

“Vervolgens wandel je weer verder, terug het bos in. Je komt weer op een weg terecht en je stapt verder tot je een muur ziet. Deze is veel te hoog om erover te klimmen, en veel te lang om er rond te wandelen. Hij ziet er stevig uit. Plotseling valt je een deurtje op, en terwijl je er naar kijkt gaat het heel zachtjes op een kier… wat doe je?”

Dit stelt de dood voor. Wanneer je meteen verder stapt ben je niet bang van de dood. De meesten zullen eerst voorzichtig kijken, en sommigen gooien er eerst iets door. Deze zijn meer bang van de dood.

“Je wandelt weer verder tot je water hoort. Beschrijf wat je tegenkomt?” Dit kan een beek, een meer, een vijver, een waterval, of een zee zijn. Vraag of je erin wilt zwemmen.

Dit slaat op de toekomst. Hoe groter het water, hoe mooier men zijn of haar toekomst ziet. Hoe sneller of wilder het water loopt, hoe spannender men naar zijn toekomst kijkt. Vuiler of gevaarlijk water slaat op angst. Zwemmen slaat op de risiso’s die je bereid bent te nemen. De temperatuur van het water slaat ook op het toekomstbeeld. Eng, koud water stelt een pessimistische of bevreesde visie voor. Aangenaam water slaat dan weer op weinig zorgen.

Metaforen-samenvatting

We hebben een hele waslijst van metaforen bij elkaar geraapt. Ik zet ze nog even allemaal op een rijtje, zodat je eventueel je eigen testen kan bedenken. De bijhorende verklaringen bij elke metafoor zijn gerangschikt van meest naar minst relevant of nauwkeurig. De belangrijkste staan in het vet.

  • Water: toekomst; seksualiteit (zie ook: water oversteken, lopende kraan, waterval, vijver).
  • Droomhuis, huis: zelfbeeld; relaties (zie ook: hut).
    – deuren: hoe snel maak je contact met onbekenden;
    aantal kamers: aantal vrienden, sociaal zijn;
    ramen: openheid naar de buitenwereld en vreemden toe.
  • Muur: uitdaging, problemen, de dood (zie ook: versperring).
  • Kopjes, bekertjes,…: liefde; seks; rijkdom; aantal partners.
  • Gebouw op open veld: geloof (zie ook: hut, huis).
  • Tuin: wereldbeeld (zie ook: bloemen).
  • Kubus, doosje, of ander zeer abstract voorwerp: zelfbeeld.
  • Ladder: vrienden; doelen.
  • Storm: problemen; zorgen (zie ook: versperring, muur).
  • Bloemen: kinderen; ambities; doelen (zie ook: tuin).
  • Hut: huwelijk; relaties (zie ook sleutel, huis).
    – interieur: eigenschappen van huwelijk of relatie zelf;
    – uitzicht van achterraam: toekomst relatie of huwelijk en beloningen.
  • Sleutel: verborgen talenten; bij hut of huis: slagen van huwelijk of relatie.
  • Paard: ideale partner (voor vrouwen); zelfbeeld (voor mannen).
  • Versperring: uitdagingen, problemen.
  • Dier: favoriete eigenschappen; zelfbeeld; beeld van anderen; relaties; seks.
  • Instrument: favoriete eigenschappen.
  • Bos: wereldbeeld, optimistisch of pessimistisch.
  • Lopende kraan: rijkdom.
  • Huilende baby: familie.
  • Rinkelende telefoon: liefdesleven.
  • Geklop op deur: vrienden.
  • Drogende kleren terwijl het begint te regenen: werk, carrière.
  • Spin en spinnenweb: aantal partners; invloed van afwijzing.
  • Weg of straat: levensweg.
  • Vervoersmiddel: snelheid van leven.
  • Vijver:
    – grootte: mate van goedheid, hartelijkheid;
    – diepte: hoe verregaand.
  • Stoelen rond tafel: aantal gewenste gezinsleden.
  • Slang: zelfbeeld (voor vrouwen, voornamelijk seksueel); ideale partner (voor mannen).
  • Figuren:
    – cirkels: intelligentie en gevoelens;
    – vierkanten: materialisme en rationaliteit;
    – driehoeken: sensualiteit en seksualiteit.
  • Kleuren:
    – rood: liefde, seks, passie;
    – zwart: dood, einde, pessimisme;
    – geel: optimisme, onbevreesd zijn;
    – wit: begin, kalmte, geboorte;
    – blauw: optimisme, rationaliteit, neutraliteit.
  • Water oversteken:
    – boot: rationeel persoon;
    – er rond wandelen: kalm en rustig persoon;
    – zwemmen: onrustig, stressvol persoon.
  • Achtbaan: seks.
  • Aardbeienveld: seks.
  • Waterval: seksuele voorkeur.
Advertenties