Nazdrovje

door Vulpius

Gisteren, ik loop op straat. Het is al avond.

Ik loop achter twee Russen. Dat zie ik niet zomaar op het zicht, maar ik hoor het aan het accent waarmee ze Engels spreken.

Ik vraag me niet af waarom ze niet Russisch praten met elkaar, maar dat kan best. Misschien een Pool en Rus, ik weet het ook niet.

De ene is lang en mager, de andere iets dikker, leren jas en kaalgeschoren.

Ze zien eruit alsof ze wel wat gezien hebben, die twee. Maar het blijken vriendelijke jongens te zijn.

Ze zoeken naar een bar in de buurt van the main street… the main street.

Ze zien eruit alsof ze elkaar al even kennen, maar goede vrienden zijn het niet, daarvoor doen ze iets te zelfzeker tegen elkaar, telkens wanneer de term bar of beer valt.

Laten we ze Vlad (de magere) en Dimitri (de struise) noemen.

Vlad: “Do you think you will be able to find it, still?”
Dimitri: “Yes, I think so… Do I look worried?” Dit laatste wordt uitgesproken met een toon alsof ook hij wel eens een Amerikaanse serie heeft gezien.
Vlad: “Yes, my friend, but you always look worried!” Ze lachen. Ik grinnik ook.
Dimitri: “Yes, well, that is because I have many things to be worried about.”

Je moet het ze toch nageven, een zalig melancholisch-humoristische kijk op dingen. Nazdrovje! Dit worden — na niet te veel drank, zelfs — goede vrienden.

En dan stap ik weer een zijstraat in.

Advertenties