Ongebreideld afzien

door Vulpius

Er zijn toch dingen in het leven die ik niet begrijp.

Dan reis je het halve land door, om die speciale persoon te ontmoeten — eindelijk, het is zo ver, een zielsverwant — om dan te moeten merken dat je je weer schromelijk vergist hebt. Wel nee, niet schromelijk, maar wel behoorlijk.

Ik spuw mijn gal, ik ben gekrenkt.

Hoe snel draait het niet steeds uit op gesprekken over “ervaring”. One-night stands, geflik-flooi, seksbuddy’s. Ik weet niet waarom, maar om een of andere reden denken ze altijd dat ik van hetzelfde slag ben. En dat is niet zo. Niet dat dat iets geeft, ik weet ook wel hoe alles werkt en zo, maar ik hoef — als ik oprecht interesse heb — geen vunzige avonturen te horen. Dat maakt me jaloers en droef. Droef omdat het speciale, nieuwe dan bij je weg is. Jaloers omdat ik wou dat ik ook het vermogen en de mogelijkheid had zo te kunnen leven, althans toch voor even — maar dat kan ik niet, niet meer. Daarvoor is het te laat. Kans gemist, jongen, en nu heb je pech. En het had nochtans zo simpel kunnen zijn. Wat dacht je dan, dat er meer was dan dit?

Maar ik ben er ook niet langer geboeid door, ik wil iets diepgaander nu — misschien, maar het is moeilijk diepte te verlangen wanneer iedereen met grotere intensiteit in de banaliteit heeft geleefd. Dat geeft het gevoel alsof je de boot gemist hebt. En dat je eigenlijk niet het recht hebt om diepgang te eisen, of zelfs te verlangen. Een triest verhaal.

Ik vraag me af door wat ik eigenlijk nog gepassioneerd ben. Ik heb amper hobby’s, niets boeit me nog. Misschien nog enkel die zoektocht naar een echte compagnon de route. Maar zijn die er wel? Ik ben het meer dan beu om banale gesprekken te voeren over die fait-divers van het leven. En ik ben het meer dan beu om die schijn-verheven gesprekken of overdreven-relativerende gesprekken te voeren over de diepgang of we-staan-er-vanaf mentaliteit van het leven. Ik heb het allemaal gezien, gehoord en gehad, maar ik heb eigenlijk alsnog niets beleefd. Het is de volkomen gewaarwording zonder iets gewaar te worden, zeg maar. En als je drie keer dezelfde “speciale” of “originele” prietpraat bent afgegaan is er ook weinig meer aan.

Ik denk dat ik ergens een stap mis. En ik weet niet waarom. Nooit in the moment, steeds al denkend aan de retrospectie achteraf. Ik ben enorm Machiavelliaans. Ik hoef geen waslijst van je verleden te horen. Anderzijds: je hebt wel een verleden nodig wil je interessant zijn.

Ik vraag het tegenwoordig zelfs letterlijk. Wat men precies verwacht van mij, vandaag. Ik kan veel zijn. Onstuimig, wild, lustig, geduldig, somber, vrolijk, grappig, poëtisch. Ik ben alles tegelijk, maar ik kan niet raden welk facet ik moet tonen wanneer het er toe doet.

Ik word dat allemaal een beetje beu. Ik haat het om niet in staat te zijn om met volledige overgave in de simpele banaliteit van het leven te leven. Ik zou een schitterende Bukowski geweest zijn, maar mijn eigen stijfheid en verkeerde levenspadkeuze weerhouden me ervan. Het is ongebreideld afzien. En dat kan zo niet langer.

 

… mooi coherent stuk tekst weer. Knap gedaan van me, ik mag fier zijn.

Advertenties